Andere wereld

Sinds kort heb ik een account op Azerty Factor. Het is een website die ik ontdekte dankzij Kathleen. Op de website kun je privé of publiek je teksten delen met anderen op de website. Als ‘lokkertje’ wordt erbij gezet: Publiek wil zeggen dat iedereen je tekst kan bekijken. Zo kun je zorgen dat uitgevers en andere geïnteresseerden je tekst kunnen lezen. Aangezien mijn website openbaar is, koos ik hier ook voor de publieke optie.

Elke woensdag selecteert een auteur of specialist uit het boekenvak zijn of haar favoriete tekst.

En deze week werd die van mij gekozen, door Annemarie Peeters!

Andere wereld

Vroeg in de ochtend reed een auto langs. Een eindje verderop ging-ie de berm in en een man stapte uit. Zij lag op haar rug in het gras, kijkend naar de nog schemerige lucht, de al vervagende sterren.
‘Mevrouw?’ De man liep voorzichtig op haar af, sprak zacht alsof hij bang was dat ze zichzelf, misschien hem, iets aan zou kunnen doen. Ze keek naar hem. Zag zijn grijze driedelig pak, smartphone in zijn hand. Ze klopte naast zich op de grond, ‘Komt u bij mij liggen, meneer.’
Hij fronste. Keek om zich heen, maar van de verlaten weg kon hij geen hulp verwachten. ‘Pardon?’ vroeg hij verward.
‘Kom toch hier.’ Opnieuw klopte ze op het gras. Ze glimlachte nu naar hem, keek vervolgens weer naar de wereld boven haar.
Hij blikte naar het scherm van zijn telefoon, draaide zich om naar zijn auto, maar draaide terug. Hij zuchtte, knielde naast haar en ging liggen. ‘Mevrouw, moet ik iemand voor u bellen?’ Hij draaide zijn hoofd naar haar toe. Zij bleef omhoog kijken. ‘Nee, meneer. Nee, ik heb de hele nacht proberen te bellen. Tot ik de sterren zag, mooi hè?’ Onderzoekend richtte hij zijn blik op de hemel.
Samen lagen ze daar. De schemering maakte plaats voor de opkomende zon en langzaamaan verdwenen de sterren. Zij keken stilzwijgend naar die veranderingen.
Zijn telefoon trilde. Hij legde zijn hand op het apparaat, bracht het binnen zijn gezichtsveld. Een paar seconden later hield het trillen op en kneep hij in haar hand.


De auteur/specialist geeft ook feedback, een onverwachte prijs vond ik dat en ik heb het ook ter harte genomen en wat dingen veranderd. Onderstaande tekst is gekopieerd en geplakt van de Azerty Factor website en bevat de reactie van Annemarie Peeters op mijn tekst, of klik hier voor de originele tekst.

“Deze tekst van schaapschrijft trok onmiddellijk mijn aandacht. In de openingszinnen zit een heel leuk contrast tussen twee verschillende tempo’s. Een auto rijdt voorbij, gaat de berm in. In mijn verbeelding gaat het om een ongeval, al ben ik ben niet helemaal zeker of dat is wat schaapschrijft bedoelt. De auto staat voor snelheid, beweging. Een man stapt uit. En plots is daar een tweede tempo. Een meisje, of een vrouw, ligt in diezelfde berm naar de vervagende sterren te kijken. Prachtig: dat beeld van sterren die langzaam verdwijnen, trager kan het bijna niet. Tegelijk is het ietwat surrealistisch allemaal. Wie is zij? Wat ligt ze daar te doen?

Zijn smartphone staat symbool voor het snelle leven dat hij leidt. Het driedelige pak doet iets gelijkaardigs vermoeden – niet meteen een type dat gezellig in het natte gras van de ochtendschemer naar de sterren gaat liggen kijken. “Komt u bij mij liggen,” stelt de vrouw voor. Even twijfelt hij nog, het scherm van zijn telefoon roept, maar uiteindelijk overtuigt ze hem. Zonder noemenswaardige argumenten – wat alleen maar bijdraagt aan haar mysterieuze karakter. Is ze wel echt? Een regel later komen we wat meer over haar te weten: ze heeft de hele nacht iemand proberen te bellen en het uiteindelijk opgegeven. De sterren waren zoveel mooier.

We vermoeden wat gaat volgen: ook hij zal zich overgeven aan het tempo van de vervagende sterren. Zijn telefoon trilt, maar hij legt hem aan de kant en knijpt in haar hand. Mooi vind ik dat – filmisch en zonder woorden. Dat schaapschrijft uiteindelijk toch nog een laatste zin in de mond van de man legt, vind ik eigenlijk doodjammer. Opeens lijkt het hele gebeuren nogal banaal: een flauw, romantisch verhaaltje over onthaasting. Maar dat is het niet. Mijn advies: gewoon schrappen, die laatste zin. Ook de toevoeging over de voorbijrazende auto’s waar de man en de vrouw bewust niet naar kijken, hebben we niet nodig. Dat heeft onze verbeelding intussen al wel op eigen kracht bedacht. En dat de sterren langzaam verdwijnen – welja, doen ze dat niet elke ochtend?”

Annemarie Peeters is auteur van haar debuutroman Ook bomen slapen.

Advertenties