Bergen en dalen

Schaaps’ kont stuitert op het zadel terug en haar fiets rammelt vervaarlijk. Kwaad kijkt ze over haar schouder naar de drempel die hoger was dan hij op het eerste gezicht leek. ‘Rot ding!’

Een paar minuten later stapt ze van haar fiets en loopt naar de rand van het bos. Geen zuchtje wind ritselt de bladeren. Geen das danst onder de struiken.

Ze stapt tussen de bomen. Na een uur wandelen stuit ze op een boom dwars over haar pad. De stam is minstens één meter hoog en één meter breed. Linksom of rechtsom, eindeloos meet de boom. ‘Dan maar eroverheen,’ mompelt Schaap.

Bij de korte, maar zware klim schaaft ze haar knieën open aan de ruwe bast. Maar eenmaal bovenop, voelt ze zich de koning te rijk. You can do it! Ze buigt haar knieën en springt. Met een plofje komt Schaap aan de andere kant terecht.

Ze loopt verder. Na een paar stappen laat ze het dikst beboste gebied achter zich, maar merkt dat elke stap moeilijker gaat. Ze kijkt naar haar knieën en hoewel de schaafplekjes wat zeuren, echt pijn doen ze ook niet. Schaap trekt haar schouders op, recht haar rug en loopt door.

Het lopen wordt steeds zwaarder en na nog een paar honderd meter kijkt ze met gefronst voorhoofd achterom. En dan glimlacht ze. De boomstam ligt ver achter haar, maar ook een eind naar beneden. Zonder dat ze het door heeft gehad, beklimt Schaap een heuvel!  

Na een tijdje gutst het zweet onder haar wollige vacht vandaan. Ze hijgt en hoest en proest. ‘Had ik maar water meegenomen!’ roept ze wanhopig. Als in een fata morgana doemt er een kabbelend riviertje op. Een tel later en Schaap is kopje onder. Met een gelukzalige glimlach dobbert ze vervolgens op haar rug wat rond op het water. Soms stuurt ze links, soms wat rechts.

Een poosje later sleept ze zich met grote tegenzin aan de andere kant uit de rivier. Schaap’s wollen pruik hangt zwaar over haar ogen. Bij elke stap transformeert het zand onder haar hoeven in modder, waarvan zij zich al slurpend losmaakt om de volgende stap te zetten. Het duurt uren voordat Schaap weer goed in haar vacht zit en de stapjes wat gemakkelijker gaan.

En dan opeens staat ze oog in oog met een duister woud. Ze kan niet verder dan de eerste bomen zien. Boven het woud vliegen kraaien schel krassend rondjes. Schaap stapt dichterbij en voelt hoe de wind aan haar vacht trekt, haar achteruit duwt. Haar benen trillen, maar ze haalt diep adem en stapt het woud binnen.

Om haar heen is het pikkedonker. De wind en kraaien maken het moeilijk iets te horen. Ze voelt hoe takken, struiken en steentjes op haar pad proberen haar van haar koers te brengen, maar koppig worstelt Schaap zich door het duister.

Als lichten in een discotheek piepen zonnestralen door het dichte bladerdek en verwarmen haar gezicht. De energie stroomt door haar lijf en Schaap loopt sneller, springt over rotsen, schiet langs een boomstam, duikt over struiken.

Dan wurmt ze zich los uit de klauwen van de laatste wanhopige takjes en komt strijdlustig tot stilstand. Ze staat op de top van de berg. Rug recht. Vuisten gebald. Kin omhoog. Blik gefocust. Kom maar op! Ze maakt een rondje om haar as, en nog één om het te geloven en dan denkt ze, Er ligt een wereld voor mij open.

Geïnspireerd door het boek ‘Sometimes’ van Edith Stultiens
Advertenties

#15 Schrijfuitdaging

Als je het leuk vindt om te schrijven met een thema, ben je hier aan het goede adres! Iedere twee weken op zaterdagochtend komt een nieuwe uitdaging online. Lees goed, want het kan zijn dat de spelregels bij iedere uitdaging anders zijn!


Iedereen die leeft, leest – al is dat misschien pas vanaf een bepaalde leeftijd. Ook analfabeten lezen: ze interpreteren afbeeldingen (denk aan verkeer) of non-verbale communicatie. Ook mensen die niet houden van een boek lezen, lezen: ondertiteling bij een film of serie, Facebook, reclame naast de weg, een belangrijke brief, de (digitale) krant!

Het lezen van boeken kent ook weer veel verschillen: fictie, autobiografisch, informatief, non-fictie, studieboeken.

Ik lees graag voor mijn plezier-rust-ontspanning, en meestal is dat fictie. Bij een goed boek kan ik helemaal meegezogen worden in het verhaal. Ik lach hardop, laat een traan, ben boos op de tegenspeler. Soms ‘word’ ik zelfs de hoofdpersoon; en het is soms wel lekker om even in die andere wereld te ontsnappen. Even geen zorgen om je eigen leven.

Schrijf een FICTIEF VERHAAL van maximaal 1500 woorden met jezelf als hoofdpersoon.

Spelregels:

  • JIJ bent de hoofdpersoon
  • Het verhaal is fictief
  • maximaal 1500 woorden
  • Bijpersonen mogen zowel bestaand als verzonnen
  • De wereld mag bestaand dan wel verzonnen
  • De tijd waarin het zich afspeelt (verleden-heden-toekomst/minuten-uren-dagen-weken-maanden-jaren) mag bestaand dan wel verzonnen

Schrijf je tekst en publiceer het op je pagina. Deel de link in reacties onder dit bericht. Ik voeg de link, met naam van jouw pagina, toe aan dit bericht.

De volgende uitdaging verschijnt op 27 april 2019.

Schrijvers:

Relatiehumor

Met de blik in zijn ogen, kan hij mij in vlammen op laten gaan.
‘Wat?’ Ik kijk hem onschuldig aan.
‘Ik zei dat je op moest houden,’ spreekt hij door opeengeklemde tanden.
‘Wéééééééééééé!’ Het babygeluid klinkt schel, ik kijk hem tartend aan. Zijn mond vormt tot een prachtig boogje, al verhuld hij koppig zijn tanden. Ik roep, ‘Kijk! Je moet toch lachen,’ en schaterend wijs ik naar hem. En dan kan hij ze niet langer verbergen.
‘Ja, maar dat betekent niet dat je door moet gaan!’
Ik haal diep adem. Hij kijkt mij moordzuchtig aan.

Natte inkt

Soms denk ik hard, zo hard dat mijn hoofd leeg wordt en er niets op papier verschijnt. En soms, wanneer ik in gesprek ben met iemand, in de supermarkt loop en een komkommer zie liggen, of in herinnering terugga, is daar ineens een beeld. Dan voel ik de nood mijn pen te pakken, naar papier te graaien, mijn verhaal te doen. En vloeit het inkt uit mijn pen zoals golven het strand op rollen: soms rustig, soms wild.

Dit verhaaltje werd vandaag gepubliceerd op 500 magazine aan zee. Een antwoord op de vraag: Hoe schrijf je jouw verhaal?